| |
technieken » brandstofcel
Het onderwerp brandstofcel is absoluut geen nieuwe ontwikkeling van deze tijd.
Brandstofcellen bestaan eigenlijk al zeer lange tijd. De eerste brandstofcel werd in 1839
beschreven door de Engelse advocaat-rechter-fysicus Sir William Robert Grove.
Hij beschrijft een experiment, waarbij twee platina strips zijn geplaatst in zwavelzuur;
de ene strip is daarbij in contact gebracht met waterstofgas, de andere met zuurstofgas.
Hij ontdekte bij toeval dat er dan een stroom loopt tussen beide strips.
Na deze ontdekking werd er voortdurend onderzoek naar de brandstofcel gedaan.
Tot een echte doorbraak van de brandstofcel kwam het echter niet omdat geen enkele brandstofcel
zich qua prestaties kon meten met stoommachines, met de interne verbrandingsmotor of met
waterkracht.
Ook in de twintigste eeuw gaat het onderzoek naar brandstofcellen door. Het is een efficiente
manier om energie op te wekken, die bovendien gebruik kan maken van duurzame brandstoffen zoals
waterstof en methanol. De toepassing van de brandstofcel doet de afhankelijkheid van fossiele
brandstoffen afnemen en ook maakt het de wereld minder afhankelijk van de landen die deze
produceren.
Brandstofcellen worden ook wel elektrochemische conversiesystemen genoemd. Ze bestaan uit twee
elektroden die onderling verbonden zijn via een elektroliet en zetten de elektrochemische
energie die vrijkomt bij een oxidatiereaktie direkt om in elektrische energie. Om de
oxidatiereaktie te laten verlopen, wordt er aan de anode kant van de brandstofcel continu
een gasvormige brandstof toegevoegd (vaak is dit waterstofgas H2), terwijl aan de kathode
kant continu een oxidant wordt toegevoegd (vaak is dit zuurstofgas O2). De elektrochemische
reaktie vindt vervolgens plaats aan de beide elektroden (kathode en anode). Aan de anode vindt
oxidatie van de brandstof plaats, terwijl aan de kathode de oxidant wordt gereduceerd. Hierdoor
ontstaat een spanningsverschil tussen de elektroden, zodat bij extern doorverbinden van de
elektroden energie geleverd kan worden. De kringloop wordt gesloten door transport van ionen
via het elektroliet; positieve ionen van anode naar kathode of negatieve ionen in omgekeerde
richting.
Vanwege het elektrochemische karakter van het proces zou je een brandstofcel kunnen
vergelijken met een batterij, maar... er is een essentieel verschil. Een batterij is een systeem
voor energie opslag; de maximale energie die kan worden geleverd wordt bepaald door de
hoeveelheid chemische reaktanten die in de batterij zijn opgeslagen. Bij het verbruik ervan,
de ontlading, raakt de batterij uitgeput. Herladen van de batterij is mogelijk, maar dan moet
wel elektrische energie van een externe bron aan de batterij toegevoegd worden. De brandstofcel
echter blijft elektrische energie produceren zolang er maar brandstof en oxidant aan de
elektroden wordt toegevoegd. De levensduur van de brandstofcel wordt dus niet bepaald door het
opraken van chemische reaktanten maar eerder door bijvoorbeeld degradatie of gebreken van de
comten: de laag elektroliet of de poreuze anode of kathode die zich aan weerszijden hiervan
bevindt.
De voordelen van de brandstofcellen:
- hoge elektrische efficientie
- zeer milieuvriendelijk
- geluidsarm
- brandstofcellen zijn modulair
- mogelijkheid voor gebruik van afvalwarmte
- gemakkelijk te plaatsen
- flexibel in het gebruik van brandstof
De nadelen van de brandstofcellen:
- brandstofcellen zijn gevoelig voor bepaalde brandstofbestanddelen
- de produktiekosten voor de meeste brandstofcellen zijn te hoog
- de levensduur en de betrouwbaarheid zijn nog niet aangetoond.
|
|